(Tekst geldend op: 11-02-2005)Wet van 15 november 1967, houdende voorzieningen in het belang van de natuurbescherming Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz. Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is bepalingen vast te stellen inzake de natuurbescherming; Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: Hoofdstuk I. Algemene bepaling Artikel 1Deze wet verstaat onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk; b. natuurmonumenten: terreinen en wateren, welke van algemeen belang zijn uit een oogpunt van natuurschoon of om hun natuurwetenschappelijke betekenis; c. eigenaar: degene, die in de kadastrale registratie als eigenaar staat vermeld, met dien verstande dat indien op een onroeren...